MijnDakJouwDak: bekijk LIVE de resultaten van de zonnepanelen op het Streekcentrum.
Klik hier >

Zonnepanelen kunnen uit drie soorten zonnecellen zijn opgebouwd

De keuze is aan u

Let wel, zonnepanelen zijn technische producten die elke dag opnieuw vernieuwd en verbeterd worden. Resultaat is wel dat de informatie weleens tegenstrijdig kan overkomen. Niet dat de informatie niet juist is, hooguit dat die informatie nog niet up-to-date is. De technische innovaties nemen een dusdanige vaart dat de juiste informatie nauwelijks bij te houden is.

Het vermogen van een zonnepaneel wordt uitgedrukt in watt/piek. De piek is het hoogste vermogen bij een zoninstraling van 1000 Watt per m2 en een module temperatuur van 25 graden. De meest gangbare panelen hebben een afmeting van ca. 1.65 m x 1.00 m met een vermogen van rond de 250 watt/piek. In Nederland levert een 250 watt/piek paneel als het optimaal is geplaatst op 35 graden en vol op het zuiden gericht, afhankelijk van de kwaliteit van het paneel op jaarbasis tussen de 215 en 225 kwh, dit is de netto bruikbare stroom, uitgedrukt in Kwh (Kilowatt/uur) die ook op uw elektriciteitrekening wordt aangegeven. Een gemiddeld huishouden verbruikt ongeveer 3500Kwh, dan zou je dus 16 zonnepanelen (16x 215-225 Kwh per paneel) nodig hebben om al je elektriciteit zelf op te wekken met de zon.

Op dit moment is het zo dat er twee gangbare soorten zonnepanelen zijn, de monokristallijn en de polykristallijn. Daarnaast is er nog een derde, minder geschikte vorm, de amorfe of dunne film lijn. Alle drie zijn gebaseerd op het halfgeleidermateriaal Silicium.

 

Monokristallijn

De naam zegt het al, mono: één kristal. Elke zonnecel bestaat uit één kristal, egaal zwart van kleur. Monokristallijn zonnepanelen zijn kostbaarder dan andere, leveren echter wel het meeste rendement. Ideaal wanneer een kleinere oppervlakte beschikbaar is.

 

Polykristallijn

Meerdere grove kristallen zijn samengevoegd tot een zonnecel. Het aanzicht vertoont een gebroken schervenpatroon. Voordeliger in aanschaf dan de monokristallijn, leveren iets minder rendement en daarmee uitstekend geschikt wanneer er voldoende ruimte is.

 

Amorf

Amorf staat voor 'geen kristalstructuur'. Amorfe zonnepanelen zijn daardoor zeer buigzaam en, zoals de naam dunne film panelen zegt, is minder materiaal nodig voor de productie. Dat is dus voordeliger maar het rendement is ook lager. Amorfe panelen worden gemaakt van diverse grondstoffen.

 

En hoe lang gaat zo'n paneel mee?


Wel, dat is best lang. Van de mono- en polykristal zonnepanelen weten we dat ze zo'n 25 jaar meegaan waarbij ze, aan het eind van de levensduur, nog steeds 80% capaciteit leveren. Over de amorfe zonnecellen twijfelt men nog, maar de levensduur is minimaal 15 jaar.